|
terug naar de overzicht pagina klik hier
De taak van onze honden In principe volgt een geleidehond een rechte lijn. Obstakels als zijwegen, trappen, stoepranden en zebrapaden worden door de hond duidelijk voelbaar via het tuig aangegeven. Daarbij kent de hond een aantal zoekopdrachten zoals het vinden van deuren, banken, vervoersmiddelen en trappen. Een écht verkeersveilige hond bestaat niet. Soms is verkeer immers niet in te schatten, niet voor ons, laat staan voor een hond. De cliënten dienen dan ook waar dit kan over te steken bij officiële oversteekplaatsen en zebrapaden. Een geleidehond zorgt er voor dat zijn begeleider nergens tegenaan loopt of ergens in valt en begeleidt hem naar de bestemming die de cliënt aangeeft. Een geleidehond kan geen huisnummers aangeven, stoplichten begrijpen, stratenplannen uit zijn hoofd kennen of straatnamen onthouden. Een geleidehond weet dat als hij zijn tuig om heeft hij aan het werk is, hij laat zich dan niet afleiden. Het tuig wordt op maat gemaakt, de beugel ligt op goede hoogte prettig in de hand van de cliënt. Deze voelt daardoor precies wanneer de hond een hoek maakt of anderszins een afwijkende beweging maakt. |